De Brandaris: architect Van Eesteren

'Van aannemer naar architect naar steden-bouwkundige'

Cornelis van Eesteren: een gevierd architect

Cornelis van Eesteren is de architect van vijf flats van 14 verdiepingen in de Zaanse wijk Peldersveld. De Brandaris, Pharus en Perim hebben alle drie dezelfde uitgerekte Z-vorm. IJdoorn en Noordwachter bestaan allebei uit 1 bouwblok.

Van Eesteren werd in 1897 in het Zuid-Hollandse Alblasserdam geboren. Daar overleed hij in 1988. Als architect en stedenbouwkundige is hij vooral bekend geworden door zijn rol bij het ontwerp van het Algemeen Uitbreidingsplan (AUP) voor Amsterdam.

De kaart

van het

Algemeen Uitbreidings-

plan

Geen aannemer maar architect

De vader van Van Eesteren was directeur van aannemersbedrijf Boele & Van Eesteren. Als oudste zoon lag het voor de hand dat Cornelis ook aannemer zou worden.


In 1914 ging hij architectuur studeren in Rotterdam. Zo wilde hij vertrouwd raken met het ontwerpproces en zijn toekomstige klanten (architecten) leren kennen.


Ook werkte hij een tijdje bij Willem Kromhout. Deze architect, die onder andere het American Hotel in Amsterdam heeft ontworpen, wekte Van Eesterens interesse in de architectuur. Hij wilde niet langer aannemer worden, maar architect.

Het American Hotel rond 1925

Geen architect maar stedenbouwkundige

In juni 1921 won Van Eesteren de eerste plaats bij de ontwerpwedstrijd Prix de Rome voor architectuur. Met de toelage die hij hiermee won, reisde hij in 1922 tien maanden lang door Duitsland, de landen rond de Oostzee, Tsjechiƫ en Wenen. Daar bestuurde hij de architectuur en stedenbouw.


Hij ontmoette vele architecten en ontwerpers. De reis wakkerde zijn enthousiasme over een ander vak aan: hij besloot stedenbouwkundige te worden en volgde hiervoor een opleiding in Parijs.

Hoofd afdeling Stadsontwikkeling

In 1928 richtte de Amsterdamse dienst der Publieke Werken de afdeling Stadsontwikkeling op. Van Eesteren was van 1929 tot 1959 hoofd van deze afdeling.


Na de Tweede Wereldoorlog hield Van Eesteren zich vooral bezig met de ruimtelijke ordening van de toen drooggelegde Zuidelijke IJsselmeerpolders. Belangrijk onderdeel hiervan was het plan voor het nieuwe centrum van de polders: Lelystad.